Rasgebonden ziekten bij honden

Waarom worden sommige hondenrassen gemakkelijker ziek?

Sinds de domesticatie van de neef van de hond, de wolf, is de mens begonnen met het selecteren van fokdieren op basis van bepaalde criteria. Eigenlijk is de huishond wellicht het eerste genetisch gemodificeerde organisme (GGO).  

Zo hebben we vandaag hondenrassen die zo verschillend zijn als de Duitse Dog en de Chihuahua. De criteria waarop de honden voor de voortplanting worden geselecteerd zijn voor elk ras verschillend en hebben meestal betrekking op hun oorspronkelijke functie, hun gedrag, schoonheidscriteria en vele andere. Zo worden herders- of veehondenrassen geselecteerd op basis van hun vermogen om de kudde te leiden en te beschermen, terwijl terriërs en jachthonden worden geselecteerd op basis van hun jachtinstinct. Andere worden geselecteerd om goede metgezellen voor de mens te zijn of vooral op basis van vooraf vastgestelde schoonheidscriteria. 

Om te komen tot individuen die aan de gewenste criteria voldoen, moest een intense genetische selectie worden uitgevoerd door de voortplanting tussen door de mens uitgekozen individuen te manipuleren.

Door op zo’n precieze en kunstmatige manier een beperkt aantal kenmerken te selecteren (bijvoorbeeld: temperament, kleur, vorm van de oren, enz.), worden andere kenmerken helaas op een secundaire manier geselecteerd (bijvoorbeeld allergieën, gewrichtsproblemen, aanleg voor kankers). Heel vaak kan op hetzelfde gen (in het DNA) de genetische code worden gevonden voor een karakter dat door de fokker wordt gezocht, samen met de code voor een genetisch overdraagbare ziekte. Telkens wanneer deze eigenschap werd geselecteerd, werd dus ook de mogelijkheid om de ziekte over te brengen geselecteerd. 

Bovendien is er bij het begin van de selectie van een ras heel vaak sprake van inteelt; dat wil zeggen voortplanting tussen individuen van een nauwe ouderlijke band (in bepaalde gevallen tussen broers en zusters of tussen ouders en kinderen). Dit heeft geleidt tot het begrip raspredispositie, dat wordt gedefinieerd als “een verhoogd risico op een aandoening bij een ras, die al dan niet een erfelijke ziekte kan zijn” – het verhoogde risico op een ziekte dat met het ras samenhangt.

Ziekten die verband houden met de keuze van uiterlijke kenmerken of schoonheidscriteria

Brachycephalen en ademhalingsproblemen:

Wie kan de charme weerstaan van het kleine, platte gezicht van een bulldog of een Cavalier King Charles? Met hun ronde koppen en uitpuilende ogen zijn deze rassen sinds enkele jaren in populariteit gestegen. Deze honden met hun talrijke plooien en onophoudelijk snurken hebben sinds het begin van hun selectie radicale veranderingen ondergaan, die helaas de deur hebben opengezet voor vele pathologieën.

De voornaamste aandoening die bij deze rassen worden aangetroffen, behoren tot het zogenaamde brachycephaal syndroom en omvatten een vernauwing van de neusgaten, een verlenging van het zacht gehemelte, een verzakking van het strottenhoofd en een te dunne luchtpijp. Dit alles veroorzaakt ademhalingsmoeilijkheden, maar ook maag- en darmproblemen. Bovendien zijn dit honden die vatbaar zijn voor allergieproblemen, huidontstekingen tussen de plooien en oorontstekingen. 

Tot de meest populaire brachycephale rassen behoren: bulldogs (inclusief de Franse bulldog), de boxer, de Cavalier King Charles, de Shih Tzu, de Boston terrier, de mastiff en de mopshond.

Rassen met lange ruggen en hernia’s:

Een andere aandoening met raspredispositie zijn hernia’s. Het treft vooral kleine hondenrassen met een lange rug, zoals Teckels en Welsh Corgi. Maar Franse bulldogs zijn er ook vatbaar voor. Afhankelijk van de ernst van de herniatie kan de hond symptomen vertonen die variëren van een abnormale gang tot volledige verlamming, kreupelheid, gevoelloosheid en pijnverlies. 

Deze honden lijden veel en hevige pijn en hebben meestal moeite om goed te urineren.

Sommige milde gevallen kunnen met medicatie worden behandeld, maar als u één van deze tekenen ziet, moet u dringend uw dierenarts raadplegen. Sommige hernia’s vereisen bijna onmiddellijke chirurgie om de mobiliteit van uw huisdier te behouden. 

Dit zijn dan ook de rassen die we het vaakst zien in een rolstoel. Hoewel de rolstoeltechnologie voor huisdieren een lange weg heeft afgelegd om huisdieren mobieler te maken en hen mogelijk van euthanasie te redden, moet men zich niet vergissen – deze honden leven de rest van hun leven in een staat van ongemak of pijn.

Tot de kleine hondenrassen die het meest vatbaar zijn voor hernia’s behoren: Teckels, Beagles, Shih Tzu, Lhasa Apso, Pekingees, Corgi (Welsh en Cardigan), Cocker Spaniels en Poedels. Ook sommige grote rassen, zoals de Duitse herder, de Labrador en de Doberman, zijn vatbaar voor de ziekte. 

Hangoren en oorontstekingen:

In het algemeen houden bacteriën en gist van warme, vochtige en donkere plaatsen. Dit is de reden waarom hondenrassen met hangoren vatbaarder zijn voor oorontstekingen. Of het nu gaat om een spaniël (Cocker, Breton of Springer), basset hound, Afghaanse windhond, Shih-Tsu, Weimar hound, Cavalier King Charles of zelfs een teckel, de oorschelpen bedekken de ingang van het oor en beperken de luchtcirculatie. Het is dus een ideale plaats voor de vermenigvuldiging van allerlei soorten bacteriën en gisten die ontstekingen en flinke pijn veroorzaken.

In veel gevallen lijden deze honden ook aan atopie (een ontstekingsziekte van de huid), die zich ook als otitis manifesteert.

Andere rassen die genetisch vatbaar zijn voor oorontsteking zijn Labradors, Shar-Peis, Duitse herders, Mastiffs, Pyreneese herders, Sint Bernards, Newfoundlands, Duitse Doggen en vele andere. Niet alleen hebben deze honden de neiging aan oorontstekingen te lijden, maar het kan ook moeilijk te behandelen zijn en zelfs chronisch worden. Soms zijn aanvullende tests nodig om de precieze oorzaak te bepalen en de behandeling kan lang duren.

Uitpuilende ogen en cornea ulceratie:

Een andere eigenschap waarop lange tijd is geselecteerd, is het hebben van uitpuilende ogen. Deze, in combinatie met een afgerond hoofd, geven deze rassen een eeuwige puppy-achtige uitstraling, die bijzonder aantrekkelijk is. Helaas heeft dit gewenste uiterlijk een niet te verwaarlozen gevolg: een verhoogd risico op het ontstaan van hoornvlies of cornea ulceratie. Dit komt doordat het oog minder goed beschermd is, sneller uitdroogt en er in sommige gevallen ook een gebrek aan traanproductie kan zijn.

Een cornea ulcus bestaat uit een soort kras of zelfs een krater van de cornea en is daarom zeer pijnlijk. Soms is de wond met het blote oog zichtbaar (meestal als een klein puntje of zelfs een grotere kraterachtige plek op de cornea).  

Meestal zal uw dierenarts een fluoresceïne test uitvoeren om de diagnose te bevestigen. Deze test bestaat erin een oranje product (fluoresceïne) rechtstreeks in het oog aan te brengen (in de vorm van een druppel of een doordrenkt staafje) en het vervolgens uit te spoelen. 

Als er een ulcus aanwezig is, zal het gebied fluorescerend groen worden. Deze test kan tijdens de behandeling worden herhaald om te zien hoe de zweer zich ontwikkelt. In sommige gevallen kan een intensieve medische behandeling (meerdere malen per dag druppels met ontstekingsremmers inbrengen) volstaan, maar in ernstiger gevallen kan een operatie nodig zijn. In dat geval zal uw dierenarts een beroep doen op de expertise van een oogarts.

Hondenrassen waarbij deze aandoening het meest voorkomt zijn Shih Tzu, Chihuahua, Mopshond, Cavalier King Charles, Boxer, Franse Bulldog, Spaniels…

Reuzenrassen en gewrichts- en maagproblemen:

Honden van reuzenrassen zijn vaak zeer zachtaardige en geduldige dieren en dit is vaak wat zo vertederend is aan hen. Onder deze zachtaardige reuze behoren de Duitse Dog, de Anatolische Herder, de Leonberg, de Berner Sennenhond, de Cane Corso, de Duitse Dog, de Argentijnse Herder, de Ierse Greyhound, de Newfoundland en vele anderen. Maar door hun grootte zijn ze helaas vatbaar voor bepaalde ziekten.  

Dit zijn honden met een tragere groei, waarvan de meesten pas rond 2 jaar volwassen zijn. Deze groei moet van nabij worden opgevolgd en ze moeten een aangepaste voeding krijgen om gewrichtsproblemen te voorkomen. Ondanks de beste zorgen, zijn sommige pathologieën soms onvermijdelijk. 

Panosteitis komt voor bij opgroeiende pups en uit zich in hevige pijn in een of meer botten, die kan leiden tot kreupelheid of zelfs parese (gedeeltelijke verlamming) van het aangetaste ledemaat. Deze aandoening treft vooral de langere botten zoals het dijbeen (femur) of het opperarmbeen (humerus), maar kan ook andere botten aantasten. De pup zal pijn hebben wanneer er druk op het bot wordt uitgeoefend. Panosteitis verdwijnt spontaan zodra de groei is voltooid, maar pijnlijke aanvallen vereisen vaak pijnstillers. 

Heup- of elleboogdysplasie komt ook vaak voor en is erfelijk bij deze grote rassen. In dit geval is de conformatie van het gewricht niet correct en is er een snellere slijten van het kraakbeen, wat tot pijn en artrose leidt. 

In sommige ernstigere gevallen kan de heup of elleboog zelfs volledig of gedeeltelijk uit de kom gaan omdat het gewricht steeds instabieler wordt. Dit is een zeer pijnlijke aandoening waarvoor chirurgie nodig kan zijn. 

Zelfs bij honden zonder dysplasie ontwikkelt de artrose zich door de grote belasting van de gewrichten onvermijdelijk sneller dan bij kleinere rassen. Dit is dus een belangrijk aspect om te overwegen bij de keuze van een dieet voor uw hond.

Grote en reusachtige hondenrassen, vooral Deense Doggen, Ierse Setter, Boxers, Akita Inu, Basset hounds, Labradors, Sint Bernards en Duitse Herders, zijn vatbaar voor maagtorsie. Wanneer de maag om zijn as draait, na een grote maaltijd gevolgd door lichamelijke activiteit, komt de bloedcirculatie in het gedrang.

De maag begint snel te necrose (het maagweefsel sterft af) en geeft gifstoffen (gif) af in het hele lichaam. De maag zet uit en drukt op het middenrif, wat ademhalingsmoeilijkheden veroorzaakt en zelfs tot een maagbreuk kan leiden. 

Het is duidelijk dat dit een chirurgische noodsituatie is die zeer snel fataal kan zijn. Als u een grote hond hebt en u ziet pogingen tot braken zonder succes, zwelling van de buik, speekselen, lusteloosheid en hevige pijn, breng hem dan met spoed naar uw dierenarts. 

Als u een hond van een groot ras hebt, moet u hem niet toestaan zich direct na het eten in te spannen. Om hem te helpen minder te eten, kunt u zijn maaltijd in verschillende porties verdelen of zijn eten in een speciale kom doen die hem dwingt veel langzamer te eten. Er zijn veel verschillende soorten schalen in doolhofstijl.

Andere ras-gepredisponeerde ziekten

Bepaalde ziekten die verband houden met de functie van een bepaald orgaan, komen vaker voor bij specifieke rassen.

Nierstenen:

De Dalmatiër staat bekend om een genetisch aandoening dat een defect in het metabolisme van urinezuur veroorzaakt. Dit hoopt zich dan op in de blaas en vormt stenen.

Deze stenen veroorzaken urineproblemen zoals infecties of verstoppingen die een operatie noodzakelijk maken.  Vaak moeten zij een speciaal (en duur) dieet krijgen om de vorming van deze stenen tegen te gaan.

Hart-en vaataandoeningen:

Cavaliers King Charles zijn schattige kleine hondjes, maar als ze ouder worden, lijdt de overgrote meerderheid van hen aan mitralisklep-aandoeningen. Dit is een aandoening van de hartkleppen waarbij er een terugstroom van bloed is door een misvormde klep die niet volledig sluit. Hoe verder de ziekte evolueert, hoe minder efficiënt het hart is om de verschillende organen te voorzien van zuurstof uit de longen. In ver gevorderde gevallen kan de ziekte leiden tot syncope (flauwvallen) en longoedeem (water in de longen), dat hoesten en kortademigheid veroorzaakt. Hoesten bij een hond met mitralisinsufficiëntie kan ook door andere dingen worden veroorzaakt, zoals een abnormaal groot hart dat op de luchtpijp kan drukken.

Hartklepaandoeningen komen zeer vaak voor bij honden van “kleine rassen”, waaronder Toy Poedel, Shih Tzu, Maltezer, Chihuahua, Cavalier King Charles, Cocker Spaniël, Dwergschnauzer, Teckel, Whippet (dwergwindhond) en Pomeriaan.

Er zijn andere hartaandoeningen die vaker voorkomen bij grotere rassen. De Doberman en Boxer zijn vatbaarder voor gedilateerde cardiomyopathie, een andere hartziekte waarbij de hartspier verdunt en het vermogen verliest om het bloed goed te laten circuleren. 

De porto-systemische shunt:

Andere aandoeningen met een ras predispositie zijn onder meer de porto-systemische shunt, een ziekte die de lever niet in staat stelt om zijn werk te doen en toxines die zich in het bloed ophopen, te elimineren. Deze ziekte komt veel voor bij Yorkshire-terriërs, Cairn-terriërs, dwergschnauzers, Maltezers, Golden Retrievers, Labradors en Schotse Windhonden.

Dieren die aan deze ziekte lijden, hebben een extra bloedvat waardoor de bloedsomloop de lever omzeilt. De lever is essentieel voor het elimineren van bepaalde toxines die door het spijsverteringsstelsel worden opgenomen en voor de aanvoer van nutriënten voor de groei van het individu.

Bovendien bereiken de nutriënten die de ontwikkeling en het onderhoud van de lever mogelijk maken, hem ook niet. Het gevolg is een onderontwikkeling en een beperkte functie van de lever.

De meest voorkomende symptomen zijn een geringe grootte van de hond (hij zal duidelijk kleiner zijn dan zijn nestgenoten), abnormaal gedrag en neurologische verschijnselen (een trillende gang – de hond lijkt “dronken”, stuiptrekkingen, verlies van gezichtsvermogen, de hond duwt zijn lichaam of kop tegen de muren zonder duidelijke reden). De optimale behandeling is chirurgie, soms voorafgegaan door medische stabilisatie van de symptomen. Wanneer een operatie geen optie is, zijn er medicijnen die kunnen helpen de symptomen te stabiliseren, hoewel deze behandeling op de lange termijn meestal niet doeltreffend is.

Diabetes:

Net als bij mensen wordt diabetes veroorzaakt door insulineresistentie of een gebrek aan productie. Als gevolg daarvan is de bloedsuikerspiegel (glycemie) te hoog, wat leidt tot meer drinken en bijgevolg meer urineren, gewichtsverlies, veranderingen in eetlust, vermoeidheid, frequente blaasontstekingen en zelfs verlies van gezichtsvermogen. Er is geen echte genezing voor diabetes, maar het kan onder controle worden gehouden met dagelijkse insuline-injecties en een goed dieet.

Hoewel het bij elk ras kan voorkomen, komt het het meest voor bij Spaniels, Dwergschnauzers, Teckels, Dobermanns, Duitse Herders, Golden Retrievers, Labradors, Pomeriaan en alle Terriers.  

Knieproblemen:

De twee meest voorkomende knieaandoeningen zijn patella-luxatie en een gescheurde voorste kruisband. 

Kleine rassen zoals de Jack Russell, de Chihuahua en de Yorkshire Terriër zijn vatbaar voor patella-luxatie door de bouw van het kniegewricht en zwakte van bepaalde ligamenten. De knieschijf, die alleen in de verticale as zou mogen bewegen, kan aan de zijkant van het gewricht vast komen te zitten (vooral naar binnen toe). Meestal zien we een hond een paar passen op drie poten lopen voordat hij weer normaal gaat lopen als de knieschijf terug op zijn plaats komt. Deze horizontale beweging veroorzaakt een erosie van het kraakbeen die zeer pijnlijk kan worden en ook het ontstaan van artrose bevordert.

Een ruptuur van de voorste kruisband komt vaak voor, vooral bij de Labrador, de Poedel, de Maltezer en de Duitse Herder. Het kan gedeeltelijk of volledig zijn en een operatie kan nodig zijn. 

Kanker:

Sommige vormen van kanker komen vaker voor bij bepaalde rassen. Terwijl sommige tumoren gelokaliseerd blijven en, eenmaal operatief verwijderd, niet verder groeien en de rest van het lichaam niet binnendringen, worden andere, “kwaadaardige” tumoren gekenmerkt door kankercellen die zeer invasief zijn in de weefsels rond de tumor of die in het bloed kunnen circuleren en de kanker in andere delen van het lichaam kunnen aanbrengen.  Kwaadaardige kankers zijn het moeilijkst te behandelen en leiden vaak tot de dood van het dier.

Zo komen osteosarcomen (kwaadaardige bottumoren) vaker voor bij boxers, Dobermanns, Golden Retrievers, Duitse Doggen, St. Bernards, Weimaraner, Pointers en vele andere.

Mastocytomen (huidtumoren waarbij een afwijking van een bepaald celtype, de mastcel, optreedt) worden vooral gezien bij de Boston Terrier, Boxer, Bulldog en Mopshond. De Berner Sennenhond, de Flatcoat Retriever, Golden Retriever en Rottweiler, hebben dan weer de aanleg voor maligne histiocytose, een kwaadaardige tumor vanuit het afweersysteem.

Lymfeklierkanker komt vaker voor bij honden van middelbare leeftijd en oudere honden, en sommige rassen zijn er vatbaar voor. De Golden Retriever, Boxer, Bullmastiff, Basset, Saint Bernard, Schotse Terriër, Airedale Terriër en Bulldog blijken allen een verhoogd risico te lopen op het ontwikkelen van lymfeklierkanker. 

Dit is een kanker van het immuunsysteem, waarbij lymfocyten betrokken zijn, cellen die verantwoordelijk zijn voor het bestrijden van infecties.  De plaats in het lichaam kan van geval tot geval en van diersoort tot diersoort verschillen.

Omgevings- of voedselallergieën:

Bij honden manifesteren de meeste allergieën, of het nu is voor iets in hun omgeving of voor hun voedsel, zich als hevige jeuk.

Sommige hondenrassen zijn gevoelig voor wat men atopie noemt, een gevoeligheid voor bepaalde stoffen die een allergische huidreactie veroorzaakt. De symptomen kunnen verlicht worden wanneer zij een speciaal hypoallergeen dieet krijgen, maar in sommige gevallen is een permanente behandeling onvermijdelijk. Een desensibilisatiebehandeling kan ook worden overwogen en vereist een bloedonderzoek om de allergenen te bepalen die verantwoordelijk zijn voor de reactie. Medicatie om de jeuk onder controle te houden is ook vaak nodig.

Rassen die vatbaar zijn voor atopie zijn onder meer bulldogs (Engels en Frans), Shar-pei, Beauceron, Duitse Herder, Cairn Terrier, Chihuahua, Golden Retriever, Labrador, American Stafford, West Highland Terrier en Yorkshire Terrier.  

Afplatting van de luchtpijp:

De luchtpijp is het orgaan dat de lucht van buiten naar de bronchiën in de longen leidt. Het bestaat uit een reeks kraakbeen ringen. In sommige gevallen kunnen sommige van deze ringen verzwakken en inzakken, waardoor de diameter van de luchtpijp kleiner wordt en er minder lucht door het lichaam kan stromen. Deze inzakking veroorzaakt irritatie en leidt tot een karakteristieke droge hoest, die verergerd bij inspanning.

Hoewel sommige gevallen kunnen worden geopereerd, worden andere gevallen beheerd door het gewicht op peil te houden, een harnas te gebruiken in plaats van een halsband, en medicatie om de hoest te verminderen. 

Dit is een veel voorkomende aandoening bij kleine rassen zoals de Toy Poedel, Yorkshire Terrier, Toy Spitz, Lhasa Apso, Chihuahua en vele andere.

Bloedstollingsziekten:

De bloedstolling is een complex proces waarbij verschillende factoren in een bepaalde volgorde moeten werken om de vorming van een bloedklonter mogelijk te maken en zo een bloeding te voorkomen. Indien de productie van slechts één van deze factoren verstoord is, vindt er geen of een onvoldoende stolling plaats en is bloeden bijna onvermijdelijk. 

Dit is het geval bij honden die lijden aan de ziekte van Von Willebrand, die met name voorkomt bij de Dobermann, Schotse Terriër en Shetland Herder.

Sommige honden kunnen met deze ziekte leven zonder dat het echte problemen veroorzaakt, maar in gevallen van trauma of operaties, kan een stollingstekort gevaarlijk zijn.

De belangrijkste genetische ziekten bij de meest populaire rassen (niet-uitputtende lijst):

  1. Labrador: heup- en elleboogdysplasie, zwaarlijvigheid, netvliesaandoeningen, allergieën
  2. Duitse herder: heupdysplasie, hernia, progressieve verlamming (progressieve myelopathie)
  3. Basset hound: oorontstekingen, hernia, oogproblemen door afhangende huid
  4. Jack Russell: luxatie van de ooglens
  5. Lhasa Apso: ooginfectie, ademhalingsproblemen, nierziekte
  6. Ierse Setter: heupdysplasie, netvliesaandoening, maagtorsie, epilepsie, botkanker
  7. Yorkshire: spijsverteringsproblemen, trachea collaps, porto-systemische shunt 
  8. Dalmatiër: nier- en blaasstenen
  9. Cocker: cataract, glaucoom, oorontstekingen, hartkwalen, epilepsie, leverkwalen
  10. Mopshond: ademhalingsproblemen, cornea ulcers, zwaarlijvigheid, allergieën
  11. Chihuahua: luxatie van de knieschijf, hartkwaal, oogkwaal (hoornvlies en lens)
  12. Boxer: hart ziekte, schildklierziekte, kanker, maag torsie, elleboogdysplasie 
  13. Siberian Husky: auto-immuunziekten, meestal met betrekking tot de huid en de ogen
  14. Bulldog: ademhalingsproblemen, allergieën en hernia

Designer hondenrassen:

We praten over honden als de “labradoodle,” de “cavadoodle,” of zelfs de “cavapoo.” Deze rassen worden soms gekarakteriseerd met de term, “designer dogs “

De term “designer dogs” wordt gebruikt om te verwijzen naar mixen van nieuwe rassen. Men zou echter kunnen zeggen dat alle gedomesticeerde hondenrassen eigenlijk “designer dogs” zijn. 

Labradoodle, de hond waarmee het huidige “designer dog” fenomeen begon, werd kunstmatig geproduceerd door een individu dat op zoek was naar de persoonlijkheid van een labrador gecombineerd met de hypoallergene vacht van een poedel.

Deze combinatie die een “functioneel” doel had, inspireerde vele anderen die in deze unieke kruising een aanzienlijk winstpotentieel zagen en allerlei kruisingen begonnen te maken, waarvan vele geen echte voordelen hadden. 

Maar ook al is het gewenste resultaat positief, de genetische realiteit is niet zo eenvoudig en het is onmogelijk te verwachten dat alleen de gewenste genen tot uitdrukking zullen komen in het product van de kruising.  Het is aannemelijk dat deze eigenschappen helemaal niet tot uiting zullen komen of dat er ook andere ongewenste eigenschappen tot uiting zullen komen (zoals genetische ziekten). Aangezien er maar heel weinig ‘originele’ honden zijn, is het bovendien veel waarschijnlijker dat designerhonden worden gefokt met individuen uit dezelfde familie, waardoor inteeltproblemen ontstaan.

Vaak, wanneer deze honden met elkaar fokken, produceren zij een verscheidenheid aan verschijningen in hun pups die in vele kenmerken zeer verschillend van elkaar kunnen zijn. Na verloop van tijd, wanneer deze honden zich voortplanten en de gewenste eigenschappen worden geselecteerd, worden de ongewenste eigenschappen geselecteerd. De genetica van het ras wordt homogener en de hondenparen in de groep fokken in feite tot meer voorspelbare doeleinden, maar met nieuwe genetische problemen die met het nieuwe “zuivere” ras zullen worden geassocieerd.

Kunnen deze ziekten vermeden worden?

Voordat u kiest welke type hond dat u wilt adopteren of kopen, moet u nagaan wat de gevolgen van deze keuze zijn voor de levenslange gezondheid en het welzijn van het dier, en voor de dierenartskosten die u mogelijk moet betalen voor genetische problemen waar uw hond vatbaar voor kan zijn.

Doe eerst en vooral uw huiswerk en maak vooraf een afspraak met uw dierenarts om te bepalen welk type hond het best past bij uw levensstijl, uw verwachtingen en uw vermogen om de ziekten te behandelen waarvoor uw hond aanleg kan hebben. Het kan u ook helpen een kwaliteitsfokker te vinden die de risico’s van complicaties tot een minimum kan beperken door een verantwoord beheer van zijn fokdieren (inteelt tot een minimum beperken, testen uitvoeren op genetische ziekten, enz.)

Sommige genetische ziekten worden overgedragen door recessieve genen, wat betekent dat beide ouders drager moeten zijn om de ziekte door te geven aan hun nakomelingen. Het testen van beide ouders kan dus een goede indicatie geven over de mogelijkheid dat de nakomelingen het gen voor de ziekte zullen dragen, waardoor het risico dat zij ziek worden kleiner wordt. Deze tests voorspellen echter alleen de waarschijnlijkheid en zijn geen garantie dat de hond tijdens zijn leven nooit ziek zal worden. 

Het is belangrijk te begrijpen dat niet alle honden van eenzelfde ras noodzakelijkerwijs de ziekte, waarvoor het ras vatbaar is, zullen krijgen, maar dat het risico groter zal zijn dan voor een hond van een ander ras. Hoewel gekruiste honden genetisch over het algemeen sterker zijn dan rashonden, garandeert het adopteren van een hond van een gemengd ras niet dat u gevrijwaard blijft van bepaalde ziekten.

Het belangrijkste is dat u, nadat u het ras van uw hond hebt gekozen, weet welke symptomen waarvoor u moet uitkijken. Zo zult u snel kunnen handelen en het leven van uw metgezel kunnen verlengen. Het is ook interessant op te merken dat het kruisen van rassen vaak de incidentie van erfelijke ziekten vermindert.

Het belangrijkste is dat u uw dierenarts er zoveel mogelijk bij betrekt om zijn of haar aanbevelingen te krijgen over welke hond het beste is voor u en uw gezin, waar de hond vandaan komt, en welke gezondheidszorg het beste is voor uw nieuwe hond gedurende zijn hele leven.

Om meer te weten te komen over de belangrijke rol die uw dierenarts in dit traject speelt, alsook over de goede gewoonten van een verantwoordelijke huisdiereigenaar en hoe u de medische kosten kunt beheersen, kunt u terecht in onze artikelen: “Wat is de missie van uw dierenarts?“, “Een goede relatie met uw dierenarts opbouwen“, “Hoe werkt een dierenartspraktijk?”, “Hoe zorgt de dierenarts voor uw huisdier als het ziek is?”, “Hoe wordt u een verantwoordelijke huisdiereigenaar?“, “Wat houdt mijn dierenarts verborgen?” en “Ziektekostenverzekering voor honden en katten“. 

Geschreven door Dr. Nerése Ellis

Gevalideerd door het onafhankelijk wetenschappelijk comité van AnimEd Solutions